“Ik heb vanochtend al bij bijna twintig kinderen getekend. Ik had een enorme lijst! Een meisje vroeg om een prinses. Haar ouders wilden graag dat ik haar tekende. Dus heb ik haar als prinses getekend. Terwijl ik bezig was maakte zij ook een tekening, dus toen we klaar waren hebben we geruild. Verder vroegen vandaag drie kinderen onafhankelijk van elkaar om een koe.”, vertelt Joshua Peeters over zijn ochtend. Samen met Marinka Bassa – Roth komt hij iedere twee weken in het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht. Op die dagen tekent zijn collega Roger Klaassen in het Prinses Máxima Centrum voor Kinderoncologie. De andere weken wisselt Joshua hem daar af. De drie tekenaars ontmoeten elkaar af en toe voor een lunchdate om ervaringen uit te wisselen.
Marinka
“Haha, dus het thema van vandaag is koe? Dat kan zomaar gebeuren! Sinds ik hier teken heb ik van alles meegemaakt en geleerd. Ik heb Paw Patrol geleerd. En Unicorns. Soms kom je een kamer binnen en daar is alles haai, het dekbed, de knuffels, de pyjama. Dan denk je: het zal wel een haai worden. Maar nee hoor! Een dinosaurus! Ze komen altijd met onverwachte ideeën. Het is bijvoorbeeld helemaal niet zo dat als het Sinterklaastijd is ik steeds Pieten moet tekenen. Ik heb één keer een Piet getekend, in de zomer! Soms vragen ze de gekste dingen. Er was een keer een jongetje en die wilde een wasmachine. Die vond hij zo intrigerend. En ik heb ook een keer een uil getekend voor een meisje. Haar opa was net overleden en omdat hij zo wijs was wilde ze hem als uil met zijn bril op zijn neus getekend hebben. Toen de tekening klaar was kreeg ik van haar een armbandje. Dat heb ik nog steeds vaak om. Ik vond dat zo bijzonder. Zij had toen ze wist dat ze naar het ziekenhuis moest thuis heel hard gewerkt om een heel envelopje vol armbandjes te maken voor alle mensen die zij tegen zou komen die lief voor haar waren. Dat je dat als kind vooraf helemaal bedenkt… Het heeft kraaltjes en een smiley. Er zitten zoveel boodschappen in: geniet van het leven, altijd blijven lachen…”
Roger
“Ik moest vandaag een Distortiosaurus tekenen. Die komt voor in de nieuwe Jurassic Park film. Er was ook een keer een jongen op de dagbehandeling die de hele dag nuchter had moeten blijven voor zijn onderzoek. Hij vroeg mij om een bord tomatensoep te tekenen. Soms zijn kinderen heel kritisch. Ik heb wel eens voor een meisje getekend dat paardengek is. Ze had allemaal verschillende plastic paardjes en wist alles over schofthoogtes en zo. Ik deed mijn best, maar ze vond mijn paard niet goed, dus toen wist ik dat ik echt aan de bak moest. De keer daarna ging het al veel beter! Ik vind het fijn dat ik in het Máxima Centrum kinderen vaker terug zie. Daardoor bouw je echt een band met ze op. Ik weet nu ook een beetje hoe bijvoorbeeld stamceltherapie verloopt, dat als ze binnenkomen ze gezond lijken, dat ze dan steeds zieker worden en dat ze daarna ook weer opknappen. Soms zijn ze te ziek om mee te kijken. Maar als je dan achteraf hoort dat een kind twee weken lang je tekening in bed heeft gehad, weet je dat het toch goed was dat je geweest bent. Er was zelfs een keer een kind dat ’s ochtends voor een onderzoek een roesje had gehad en zo bang was de tekenaar te missen dat hij zijn moeder op een stoel in de deuropening had gezet om op te letten. Ondanks het feit dat hier in het ziekenhuis ook kinderen overlijden is dit voor mij toch een vrolijke plek. Ik kwam vandaag en toen sjeesde er een kind langs op een fietsje met daarachter hollend een moeder met het infuus.”
Joshua
“Ik word altijd geraakt door de veerkracht die deze kinderen hebben. Ze halen plezier uit alles waar ze plezier uit kunnen halen. Ook in het Wilhelmina Kinderziekenhuis zijn er soms kinderen die er langere tijd zijn, hoewel ik ze daar meestal maar één keer zie. In het Máxima zijn ze altijd langer. Als je kinderen vaker ziet dan gaan ze vooraf nadenken over wat ze willen dat je voor hen tekent en worden hun vragen ook steeds uitbundiger. Mannetjes met olifanten, haaien, kikkers en allerlei soorten Pokemons en gamefiguren die ik moet opzoeken omdat ik er nog nooit van gehoord heb. Wat mij dit als tekenaar ook brengt is lef. Doordat ik teken voor kinderen ben ik minder bang om fouten te maken. Kinderen wijzen je wel op fouten, maar het maakt je tekening voor hen niet minder waardevol. Ik herinner me een struisvogel. Toen ik dat jongetje mijn tekening gaf, wees hij mij erop dat een struisvogel alleen twee tenen vóór heeft en niet ook zo’n achterteen als andere vogels. Dat doe ik dus nooit meer verkeerd! Mensen vinden het toch een soort toveren wat je doet. Je ziet live uit het niets iets ontstaan. Vaak zijn kinderen heel trots op hun tekening en laten hem aan allerlei mensen zien. Het is toch iets dat speciaal voor hen is gemaakt. Het gaat vaak mee naar huis en wordt ingelijst. Ik kom dan ook regelmatig een briefje op de deur tegen: geen bezoek, maar de tekenaar mag wel langs komen!”
Joshua, Marinka en Roger zijn drie van onze tekenaars. Er zijn er in totaal zo’n 50! Kennis maken met onze andere tekenaars?
